Het Nederlandse jeugdrecht overschrijdt de grenzen van verschillende rechtsgebieden (het strafrecht, het civiele recht, het staats- en bestuursrecht en het internationale en Europese recht) en jeugdzaken overschrijden soms ook de landsgrenzen.
Bezorgen: Zodra beschikbaar
Het Nederlandse jeugdrecht overschrijdt de grenzen van verschillende rechtsgebieden (het strafrecht, het civiele recht, het staats- en bestuursrecht en het internationale en Europese recht) en jeugdzaken overschrijden soms ook de landsgrenzen. Het jeugdrecht wordt niet alleen door juristen, maar ook door (aankomende) professionals buiten het recht, zoals pedagogen, psychologen en criminologen, gehanteerd. Mede daarom is er in de praktijk behoefte aan een handzaam werk waarin de belangrijkste jeugdwetgeving bij elkaar is gebracht. Deze wettenbundel beoogt in die behoefte te voorzien. De geselecteerde jeugdwetgeving wordt overzichtelijk gepresenteerd in zeven rubrieken: internationaal, afstamming, gezag en jeugdbescherming, jeugdhulp, kindermishandeling, leerplicht en schoolverzuim, jeugdstraf(proces)recht en justitiƫle jeugdinrichtingen. Verschillende onderdelen, zoals IPR-regelingen, zijn nieuw toegevoegd ten opzichte van de laatste druk van 2024. Deze bundel is gebaseerd op de geldende regelgeving van 1 januari 2026. De redactie was in handen van prof.mr.drs. Mariƫlle Bruning, hoogleraar Jeugdrecht aan de Universiteit Leiden en rechter plaatsvervanger bij het team Jeugd van de rechtbank Amsterdam en prof.mr. K.A.M. van der Zon, bijzonder hoogleraar Personen-, familie- en jeugdrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen, universitair hoofddocent Familie- en jeugdrecht aan de Universiteit Leiden en rechter-plaatsvervanger bij het team Jeugden zorgrecht van de rechtbank Den Haag.